Taal selecteren

Praktische tips 7 januari 2021
Goed om te weten: praktische tips over onze verbindingsklemmen

Voor de veilige omgang met verbindingsklemmen van WAGO hebben we alle belangrijke informatie voor u samengevat.

Praktische tips:

  • Over verlichtingsklemmen
  • Over lasklemmen
  • Over verbindingsklemmen

Voor elke toepassing de juiste klem: de installatieklemmentabel van WAGO

Het portfolio met WAGO-installatieklemmen wordt permanent verder ontwikkeld. Voor elke taak in de gebouwinstallatie zijn er verschillende verbindingsoplossingen beschikbaar. Ofwel gebruikt u de universele verbindingsklemmen voor alle soorten geleiders of geeft u de voorkeur aan meer economische varianten en vertrouwt u op de speciaal voor de bedradingstaak geschikte klem. In de tabel vindt u een volledig overzicht van het portfolio.

Correcte vermogensbedrading: op de eenheid komt het aan

In het dagelijkse leven worden productnamen vaak vereenvoudigd. Zo is er bijvoorbeeld de 2-5-WAGO of de 1-5-NYM etc. Als de producttypes uniform worden benoemd, volstaan dergelijke vereenvoudigingen ook in principe. Als dit niet het geval is, kunnen er technische problemen optreden door verkeerd gekozen producten!

Een voorbeeld uit de praktijk: de maten van de voor de vermogensbedrading gebruikte installatiekabels en -leidingen, zoals NYM-leidingen, worden in mm2 aangegeven, de geleiderdoorsnede dus. De maten van de voor de signaal- en communicatiedoeleinden gebruikte geleiders, zoals de bel- of J-Y(ST)Y-kabels, worden dan weer in mm weergegeven, de diameter dus van de geleider. Om een duidelijke toewijzing van de verbindingsklemmen aan de bruikbare geleiders te garanderen, zijn de respectieve WAGO-klemmen ook volgens dit schema gemarkeerd.

Het aansluitbereik van de COMPACT-lasklemmen van de serie 2273 voor de vermogensbedrading met installatiekabels en -leidingen wordt aangeduid met de geleiderdoorsnede 0,5 tot 2,5 mm2. Het aansluitbereik van de MICRO-lasklemmen, serie 243, voor signaal- en communicatiekabels wordt aangeduid met de diameters 0,4 tot 0,5 en 0,6 tot 0,8 mm.

Zonder rekening te houden met de bijbehorende eenheid kan snel de indruk ontstaan dat de nieuwe COMPACT-lasklem van de serie 2273 ook gebruikt kan worden voor signaal- en communicatiekabels van 0,6 en 0,8, omdat het grote aansluitbereik ervan tot 0,5 gaat. Het gaat hier echter om de geleiderdoorsnede van 0,5 mm2! Deze komt, omgerekend naar de kabeldiameter, exact overeen met een diameter van 0,8 mm. Dit betekent dat signaal- en communicatiekabels waarvan de geleidermaat is aangeduid met 0,8 mm diameter, in de serie 2273 kunnen worden geïntegreerd. Voor alle geleiders met een diameter van minder dan 0,8 mm zijn de MICRO-lasklemmen van de serie 243 ter beschikking.

Een overzicht:

  • NYM-leidingen worden aangeduid in mm2, dus in de geleiderdoorsnede.

  • Bel- of J-Y(ST)Y-kabels worden daarentegen aangeduid in mm, dus in de diameter van de geleider.

  • COMPACT-lasklemmen van de serie 2273 worden aangeduid met de geleiderdoorsnede 0,5 tot 2,5 mm2.

  • MICRO-lasklemmen worden aangeduid met de diameters 0,4 tot 0,5 en 0,6 tot 0,8 mm.

Praktische tip voor verlichtingsklemmen

  • WAGO-verlichtingsklemmen van de serie 224

Tip: WAGO-verlichtingsklemmen van de serie 224

De verlichtingsklemmen van de serie 224 van WAGO worden meestal gebruikt om armaturen veilig en snel aan te sluiten. Met hun praktijkgerichte varianten en de algemeen geldende toelating zijn deze klemmen echter tot veel meer in staat! Aansluitingen van jaloezie- of rolluikmotoren, ventilatoren, circulatiepompen, deur-/venstersensoren, verwarmingsbesturingen en, en, en: overal in het gebouw waar fijnaderige geleiders met massieve geleiders moeten worden verbonden, kan de 224 zijn sterke punten tonen.
WAGO-verlichtingsklemmen van de serie 224 overtuigen met vermogen. Zo zijn ze conform EN 60998 gecertificeerd en mogen daarom als zelfstandig bedrijfsmiddel overal worden gebruikt, waar elektrische energie voor het huishoudelijke en soortgelijke doeleinden worden gebruikt. Met een nominale spanning van 400 V en een nominale stroom van 24 A voldoet de serie 224 elektrisch bovendien aan alle vereisten wat betreft de maximaal aansluitbare geleiderdoorsnede van 2,5 mm2 in het gebouw.

Aan de zijde van de aansluitbare geleidertypen en -doorsneden bieden de verlichtingsklemmen verschillende mogelijkheden voor het verbinden van fijnaderige geleiders met massieve geleiders voor doorsneden van 1 mm2 tot 2,5 mm2 en aan aansluitzijde van de fijnaderige geleiders voor doorsneden van 0,5 mm2 tot 2,5 mm2.

Twee aanvullende varianten breiden de toepassingsgebieden van de serie 224 uit. Enerzijds worden de standaard- en de 2-geleideruitvoering voor het gebruik bij hogere continue bedrijfstemperaturen van maximaal 120 °C aangeboden in de zwarte kunststofbehuizing. Anderzijds bieden de serviceklemmen ook de mogelijkheid om aan beide zijden van de doorgangsklem fijnaderige en massieve geleiders te gebruiken. Toepassingen hiervan zijn bijvoorbeeld de verbindingen in verlichtingswinkels of het ontwerp van vliegende schakelingen voor metingen of tests.
Voordelen voor de installateur:
  • Eenvoudige montage
  • Snel, veilig verbinden van fijnaderige geleiders zonder gebruik van adereindhulzen
  • Veilige aansluiting door aanrakingsbeveiliging
  • Permanent beveiligde verbinding door CAGE CLAMP®-veerklemtechnologie
  • Snelle montage van armaturen bij schakelingtest
Voordelen voor de exploitant:
  • Permanent beveiligde aanraking zonder losse contacten
  • Duidelijke, veilige hantering bij het vervangen van armaturen, ook voor leken
  • Geïsoleerd klempunt bij afgenomen armatuur (renovatiewerken)

Praktische tips voor dozenklemmen

  • Het correcte gebruik van dozenklemmen
  • WAGO-dozenklemmen hergebruiken
  • Nieuwe adapter voor de COMPACT-klemmen 2273

Tip: Het correct gebruik van dozenklemmen

In verschillende installatiesituaties kan het zinvol zijn om geleiderverbindingen met losse verbindingsklemmen buiten aftakdozen of -kasten uit te voeren. Zowel economisch als technisch functioneren de klemmen net zoals in de doos. Normatief is deze uitvoering evenwel niet toegestaan. Conform DIN VDE 0100-520 moeten verbindingen van geleiders immers in aftakdozen of kasten tot stand worden gebracht. In installatieverdelers moeten de verbindingen bovendien een vaste ligging hebben, bijv. met bevestigingsadapters, die de losse verbindingsklemmen overzichtelijk op de draagrail positioneren.
Het aansluiten van geleiders op bedrijfsmiddelen mag uitsluitend gebeuren in hiervoor bestemde aansluitruimten, bijvoorbeeld in apparaataansluitdozen bij het bedraden van stroomkringen in gebouwen, of in elektrische verbruiksmiddelen, op voorwaarde dat de fabrikant aansluitruimten met vast ingebouwde aansluitmiddelen heeft voorzien. Als deze ruimten geen vast ingebouwde aansluitmiddelen hebben, maar de vaste inbouw van deze aansluitmiddelen toelaten, is dit ook toegestaan.
In geval van herstellingen aan leidingen die bijvoorbeeld door boorschade ergens in het leidingverloop noodzakelijk kunnen zijn, komt het van pas dat verbindingen conform DIN VDE 0100-520 voor inspectie, controle en onderhoud toegankelijk moeten zijn. Ook hier is het dus vereist, dat er een aftakdoos wordt geplaatst waarin de verbinding van de leidingen wordt gerealiseerd. Het is dus niet toegestaan om de plaats van herstelling te bepleisteren of te bekleden.

De verbindingen van geleiders in een aftakdoos met WAGO-dozenklemmen, bestelnr. 2273-203.

Volgende verbindingen zijn uitgezonderd van deze toegankelijkheid:

  • Verbindingen tussen de aansluitleiding en het verwarmingselement voor plafond-, vloer- en buisverwarmingssystemen
  • Hulzen van in de grond aangebrachte kabels
  • Verzegelde of met isolatiemassa gevulde hulzen
Zo bent u steeds juist:
Verbind geleiders met dozenklemmen alleen in verbindingsdozen (aftakdozen), apparaatverbindingsdozen, verdeelkasten en in hulzen evenals bij kabels en in bedrijfsmiddelen waarin een vaste inbouw is gegarandeerd.

Tip: WAGO-lasklemmen hergebruiken

Het bedraden van stroomkringen in gebouwen met WAGO-dozenklemmen gebeurt erg comfortabel, omdat de geleiders zonder gereedschap kunnen worden ingestoken. Door hun hoge kwaliteit kunnen ze zelfs meerdere keren met een enkele klem worden gebruikt – telkens op voorwaarde dat de geleiders deskundig worden losgemaakt.
De veer van het contact mag daarbij niet beschadigd geraken. Hoe maakt u de steekklemaansluiting los, zonder de veer van het contact te beschadigen? Heel eenvoudig: Houd de geleider vast en trek voorzichtig aan de klem terwijl u de geleider heen en weer draait.
De veer van het klemcontact is zo uitgevoerd, dat u ervan kunt uitgaan dat de contactkracht op geen enkel moment afneemt. Als er te vaak geleiders werden ingestoken, kan de tinlaag op de koperstroomrail bij het insteken van de massieve geleiders afslijten. De tinlaag staat in voor de gasdichtheid van het contactpunt en verhindert de corrosie. De gevolgen van een te sterk afgesleten tinlaag zijn de verhoging van de overgangsweerstand en een daaruit resulterende ontoelaatbaar hoge opwarming.

Steekklemaansluitingen voor de bedrading van massieve geleiders

WAGO-lasklemmen met innovatieve tinlaag

De mate waarin de tinlaag afslijt, hangt af van verschillende factoren zoals de diameter van de aangesloten geleiders en van de contour van de snijkant van de geleider. Het is daarom niet mogelijk om een vaste waarde voor de steekfrequentie te bepalen. De Amerikaanse norm vereist bijvoorbeeld ten minste tien keer steken met behoud van de normatief vereiste contactkwaliteit. WAGO-lasklemmen overtreffen deze vereisten en blijken na meting van de contactkwaliteit nog steeds zo goed als nieuw! De jarenlange ervaring van WAGO heeft dit mogelijk gemaakt. Ze heeft geleid tot de ontwikkeling van een hoogwaardige, speciaal samengestelde tinlaag die in een in de praktijk geteste dikte op de stroomrails wordt aangebracht.
Zo bent u steeds zeker.
In de praktijk valt het dikwijls moeilijk te achterhalen hoe vaak een klem reeds werd ingestoken of hoe de toestand van de contacten moet worden beoordeeld. Om een permanent veilige installatie te garanderen, adviseert WAGO u volgende werkwijze:
  • Bij werken aan bestaande installaties kunnen de toestanden van de klemmen niet worden ingeschat. Gebruik nieuwe klemmen!
  • Bij zelf uitgevoerde nieuwe installaties kunnen de noodzakelijke herbedradingen met dezelfde klemmen worden uitgevoerd.

Tip: nieuwe adapter voor de COMPACT-lasklemmen 2273

De nieuwe COMPACT-lasklemmen van de serie 2273 kunnen nu ook in bereiken worden toegepast waar een bevestiging vereist is, bijvoorbeeld in verdelers. De bevestigingsadapter biedt de mogelijkheid om de nieuwe klemmen op draagrails 35 (TS 35) of op platte oppervlakken te gebruiken.
Bij gebruik met de draagrail wordt de bevestigingsadapter eenvoudig opgeklikt, bij platte oppervlakken wordt de bevestigingsadapter met twee schroeven bevestigd. Deze opbouw biedt diverse voordelen: de klemmen zijn overzichtelijk en vast gerangschikt, en kunnen bovendien met de zelfklevende markeringsstroken worden gemarkeerd, waardoor de schakeling in een oogopslag herkenbaar is. Hierdoor wordt aan alle eisen met betrekking tot de klemposities in verdelers voldaan.
De bevestigingsadapter kan naast de 2-, 3- ,4-, en 5-draads klemmen in één rij ook 8-draads klemmen in twee rijen opnemen. Hiervoor wordt de adapter met behulp van een schroevendraaier op de benodigde breedte ingesteld. Als de acht klemposities van een potentiaal niet voldoende blijken te zijn, kan het verbindingspunt met de achteraf niet meer los te koppelen bruggen van de serie 862 tot maximaal 20 klemposities worden uitgebreid.

Bevestigingsadapter: bestelnr. 2273-500 / brug: bestelnr. 862-482

Praktische tips voor verbindingsklemmen

  • Verbindingsklemmen in verdelers gebruiken
  • Betere installatietechniek voor bestaande en nieuwe gebouwen

Tip: verbindingsklemmen in verdelers gebruiken

Tot de meest bekende bedrijfsmiddelen in de wereld van de elektrische installatie behoren de zogeheten "WAGO-klemmen". Hierbij worden de dozenklemmen met veerklemaansluiting bedoeld. Ze worden in gebouwen geïnstalleerd en verdwijnen in principe vlotjes in aftakdozen of aansluitruimten van elektrische apparaten. Naast deze typische toepassingen kunnen deze klemmen in combinatie met bevestigingsadapters ook overzichtelijk in verdelers worden geplaatst en gemarkeerd.
Losse bedrading in aftakdozen en -kasten
Er bestaat een veelvoud aan verbindingsklemmen die voor het gebruik in aftakdozen of -kasten zijn voorzien. Stuk voor stuk hebben ze de toelating conform EN 60998 nodig om te gebruiken in "... huishoudelijke en soortgelijke toepassingen". Als deze toelating beschikbaar is voldoen ze aan alle elektrische en veiligheidstechnische vereisten voor dit toepassingsgebied.
Bevestiging en normatieve specificaties
De mogelijkheid om dozen- en verbindingsklemmen te bevestigen, biedt evenwel ook in andere toepassingen significante voordelen. Zo is het in verdelers vaak nodig om een kabel langer te maken of een potentiaal te vermenigvuldigen. De bestaande bepalingen met betrekking tot klemposities in verdelers laten het gebruik van losse verbindingen echter niet toe.

WAGO 2273 met bevestigingsadapter

Toepassingsnormen zoals DIN VDE 0100-510, DIN VDE 0100-520 en DIN VDE 0100-729 vereisen het volgende:

  • Bedrijfsmiddelen moeten zodanig gepositioneerd zijn dat deze eenvoudig bediend, geïnspecteerd, onderhouden en gecontroleerd kunnen worden en dat de los te koppelen verbindingen goed toegankelijk zijn.
  • Alle bedrijfsmiddelen moeten voor de controle toegankelijk zijn.
  • De toewijzing van de van buitenaf ingevoerde geleiders aan de stroomcircuits moet duidelijk en op lange termijn herkenbaar zijn.
Alleen een combinatie van een geschikte bevestigingsadapter en een markeerplaatje maakt zinvol gebruik in verdelers mogelijk. Omdat er zo praktisch geen verschil meer is met een rijgklem, erkent de controleur deze installatie bij verlengingen van leidingen of potentiaalvermenigvuldigingen.
Overeenkomstige bevestigingsadapters zijn er voor alle WAGO-dozenklemmen en WAGO-verbindingsklemmen van de series 2273, 773, 222 en 243. Ze worden ofwel op de draagrail (TS 35) geklikt of met twee schroeven op een glad oppervlak bevestigd. Elke adapter is speciaal geschikt voor de betreffende klemmenserie.
Met de universele bevestigingsmogelijkheden van WAGO ontstaan er compacte aansluitpunten, bijvoorbeeld voor de potentiaalvermenigvuldiging in verdelers, die het toepassingsgebied van dozenklemmen aanzienlijk uitbreiden. De elektricien heeft verschillende mogelijkheden om bedradingen plaatsbesparend en economisch met de beschikbare klemmen te realiseren.

Tip: betere installatietechniek voor bestaande en nieuwe gebouwen

Makkelijk toegankelijk, eenvoudig toe te wijzen, overzichtelijk opgebouwd, en alles ook nog eens volgens de norm: met een nieuwe bevestigingsadapter kunnen elektriciens de erg populaire COMPACT-verbindingsklemmen van de serie 221 ook in de verdeler gebruiken – zonder daarbij afbreuk te doen aan de geldende VDE-normen. De adapter zorgt ervoor dat de kleine, praktische klemmen een stevige bevestiging op de draagrails krijgen en ook eenvoudig kunnen worden gemarkeerd.

In de gebouwtechniek bestaat de uitdaging erin om steeds meer functies in steeds kleinere schakelkastunits onder te brengen. Elke millimeter is van tel – vooral wanneer bestaande elektrische installaties moeten worden uitgebreid. WAGO biedt de installateurs met de serie 221 verbindingsklemmen die bijzonder compact zijn – 40 % kleiner dan hun voorgangers.

Dankzij een nieuwe bevestigingsadapter is het vanaf nu ook mogelijk om de in de sector erg gewaardeerde voordelen van de WAGO 221 over te dragen aan de distributeurs. De adapter is voor alle klemvarianten geschikt. Hij garandeert dat de aangesloten geleiders conform VDE 0100-510 eenvoudig kunnen worden bediend, geïnspecteerd en onderhouden, en dat ze goed toegankelijk zijn. De drager kan zowel staand als liggend op standaard draagrails worden vastgeklikt of met schroeven op gladde oppervlakken gemonteerd. Dankzij de bijzondere constructie, waarbij één zijde open is, beschikt de installateur over de mogelijkheid om de bedieningshendel van de klemmen ook na het inbouwen te bedienen. Geleiders kunnen hierdoor voor of na het bevestigen van de klem in de adapter comfortabel worden aangesloten en weer losgekoppeld. De bouwvorm zorgt er bovendien voor dat er altijd een testopening toegankelijk is.

Beproefde kwaliteit ook voor nieuwe verdelingen
Terwijl u door combinatie van 221-klemmen en bevestigingsadapters bijzonder eenvoudig een normatieve uitbreiding van de installatie in bestaande gebouwen kunt realiseren, bestaat er voor nieuwbouwprojecten een nog betere oplossing: de installatie met installatierijgklemmen, bijv. met TOPJOB® S van WAGO. Bij dit soort installaties worden rijgklemmen rechtstreeks op de draagrail vastgeklikt, wat het bedraden van elektrische installaties versnelt. Vooral de directe insteektechniek met veerklemmen bespaart tijd en zorgt voor veiligheid, terwijl de klemmen voor een duurzaam elektrische verbinding zorgen.
In de toekomst biedt de gebouwinstallatie met rijgklemmen ook de mogelijkheid om elektrische installaties achteraf ongecompliceerd te wijzigen of uit te breiden. Installateurs kunnen verbindingen in de praktijk snel losmaken en hebben ten opzichte van de installatie met PE en N-rails een overzichtelijke bedrading en duidelijk meer flexibiliteit bij de opbouw van de schakelingen.
Behalve overzichtelijkheid en flexibiliteit is de veiligheid van de elektrische installatie in gebouwen een gevoelig thema. Een veiligheidsmaatregel is de zogeheten isolatieweerstandsmeting. Omdat elke isolatiefout een bijzonder risico met zich meebrengt, is de uitvoering van deze controle verplicht in brandgevoelige bedrijfsgebouwen evenals in gebouwen voor het grote publiek. Op grond van de normatieve eis dat bij geleiderdoorsneden van minder dan 10 mm2 een eenvoudige meting van de isolatieweerstand mogelijk moet zijn, worden in de praktijk bijna zonder uitzondering etage installatieklemmen gebruikt.
Vrijwillige controles voor meer veiligheid
De isolatieweerstandsmeting is bovendien een vast bestanddeel van vrijwillige controles. Met de E-check bijvoorbeeld laten verhuurders van privé en commercieel vastgoed voor de oplevering van de gehuurde ruimten vaak de juiste toestand van de elektrische installatie documenteren. Sommige verzekeraars hebben het voordeel van de controles eveneens erkend, en bieden hun klanten voordeliger premies, als ze deze controles regelmatig laten uitvoeren.
Duidelijkheid in de elektrische installatie
Het gebruik van installatierijgklemmen van WAGO heeft ook zijn effect wat betreft imago. Omdat de aanblik van de schakelkast nu eenmaal het zichtbare visitekaartje van een installatiebedrijf is, biedt een ordelijke, goed gestructureerde installatie een echt concurrentieel voordeel. En wat ook deel uitmaakt van de professionele uitstraling van distributie-unit: de aanduiding van de respectieve klemposities met goed leesbare opschriften. WAGO biedt binnen de TOPJOB®S-serie oplossingen waarmee de rijgklemmen snel en overzichtelijk kunnen worden gemarkeerd, tot 3 regels lang.
Conclusie
De installatie met rijgklemmen vervangt zowel bij renovatie- als in nieuwbouwprojecten steeds vaker de traditionele aansluittechniek met PE- en N-rails. Het systeem van WAGO kan daarbij flexibel worden aangepast, zodat verbouwingen of uitbreidingen zonder tijdverlies kunnen gebeuren. In bestaande installaties kunt u met de nieuwe COMPACT-verbindingsklemmen van de serie 221 opnieuw plaats- en tijdbesparend werken. Met de adapter kunnen de klemmen veilig op de draagrail worden geplaatst.